
Op de elektrische fiets van mijn vader rijd ik door het dorp van mijn jeugd, op een warme dag in de laatste week van mei.
Op de elektrische fiets van mijn vader rijd ik door het dorp van mijn jeugd, op een warme dag in de laatste week van mei. Over het kruispunt waar mijn moeder is verongelukt, nu alweer anderhalf jaar geleden, langs het kerkhof waar haar urn ligt begraven en voorbij de vijftiende-eeuwse parochiekerk die hoog uittorent boven de dorpse laagbouw, een symbool van onveranderlijkheid in een almaar uitdijende gemeente. De aanblik van de kerktoren brengt bij mij altijd een stroom van herinneringen op gang. Sinds november 2018 zijn dat niet alleen gelukkige herinneringen.
01Geen gelijke monniken, gelijke mondkappen
Ik koers richting een knipbeurt. Mijn quarantainecoupe moet nodig worden gekortwiekt. Nog steeds ga ik braaf naar de kapper die mij al knipt sinds mijn tienerjaren. Ik ben benieuwd wat ik zo meteen in zijn zaak aantref. Doordat de overheid de veiligheidsverantwoordelijkheid bij de kappers zelf legt, is er in deze branche dus geen sprake van gelijke monniken, gelijke mondkappen. In de steden zie je kapsalons die Tsjernobyl in herinnering roepen: astronautenpakken, lasmaskers, plastic schermen. Hier in het dorp godzijdank niets van dat alles. Niet eens een mondkapje. “Dan beslaat mijn bril”, zegt de Limburgse Samuel Barber droog. “En je wilt straks niet als Van Gogh naar huis.”
Een halfuur later sta ik weer buiten. Opgeruimd en fris, althans wat uiterlijk betreft. De volgende halte is de slijter. Vanavond eten we met z’n drieën: mijn vader, een dierbare familievriend en ik. Mijn zus kan helaas niet komen. Op het menu staat salade niçoise. Witte wijn dus, en rap een beetje. Voor me in de rij luistert een gezette vrouw aandachtig naar de verkoper. Die prijst een zakje kruiden aan waarmee je zelfs de meest basale bami omtovert tot een Aziatisch smakenfestival. “En daar hoort natuurlijk een leuke wijn bij”, zegt hij. O jee, daar gaan we, denk ik bij mezelf. Een leuke wijn. Precies daarom drink ik Rond & Soepel van de super. Ik twijfel of ik moet toeslaan: “Ik zoek een bijzonder nare wijn met een heel onsympathieke afdronk.” Maar iets in mij zegt me dat de verkoper dat niet zo’n leuk grapje vindt.
Ontvang Luister acht keer per jaar thuis.
Abonneren op Luister