Gedicht van de week
Alle artikelen
Van de weekGratis

Gedicht van de week

Tekst: Paul Janssen 1 min leestijd

In 1924 verscheen de bundel Vormen van Martinus Nijhoff. De naam van deze dichter roept tegenwoordig vooral de brug over de Waal bij Zaltbommel in

In 1924 verscheen de bundel Vormen van Martinus Nijhoff. De naam van deze dichter roept tegenwoordig vooral de brug over de Waal bij Zaltbommel in gedachten, maar zijn werk is nog steeds een ware inspiratiebron. Vooral de manier waarop hij taal en muzikale vormen bijna achteloos samen kon laten vallen is nog altijd bewonderenswaardig. Daarom deze keer een Gedicht van de week van zijn hand, Fuguette. Het is niet alleen een prachtig kleinood over de kracht en werking van muziek, het gedicht is in zichzelf ook een ‘kleine fuga’ met couplet één en drie als het fugathema en couplet twee en vier als een contrasubject waarbij alles in het vierde en laatste couplet ook nog eens mooi bij elkaar komt.

Maar het belangrijkste is natuurlijk de boodschap dat muziek troost biedt. Altijd.

Fuguette

Claudien, jij speelt piano, en ik zit

In de warande, en luister naar het zingen

Uit het innige hart der stille dingen

En luister naar de stem der nacht die bidt.

Nu is mijn hart heel stil geworden: dit

Is het stil einde van het groote dringen.

De regens die tusschen ons beiden hingen,

Claudien, zijn over en de nacht is wit.

Zachtheid, zachtheid is het woord van muziek:

Het is of je op een groenen heuvel toeft,

Een fabel leest, of ziet een mozaïek –

En ’t hart, ontvangend wat het hart behoeft,

Niet meer van pijn verbijsterd, niet meer ziek,

Vergeet – een glimlach lang – wat het bedroeft.

Martinus Nijhoff

Uit: Vormen, 1924.

Deel dit verhaal

Ontvang Luister acht keer per jaar thuis.

Abonneren op Luister

Nieuwsbrief

Nooit meer een concert of recensie missen

Nieuws uit de klassieke muziek en de beste concerttips, regelmatig in uw inbox. U kunt zich op elk moment weer afmelden.

Aanmelden voor de nieuwsbrief