Laetitia Gerards is Het sluwe vosje

Laetitia Gerards tijdens de repetitie voor Het sluwe vosje

Laetitia Gerards is na haar tv-deelname aan Wie is de Mol en Beste Zangers ongetwijfeld toegetreden tot het leger der bekende Nederlanders. Maar daar gaat het haar niet om. “Ik ambieer geen tv-carrière, mijn plek is op het podium”. Vanaf 22 januari is ze op vele podia in het land te vinden in de titelrol van de opera Het sluwe vosje van Leoš Janáček.

In Het sluwe vosje, de fabelopera van Leoš Janáček uit 1923, zet de componist de mens en de natuur lijnrecht tegenover elkaar. De mens verstoort zoals ook in de echte wereld het natuurlijk evenwicht en het sluwe vosje gaat daar tegenin. Ze wordt daarbij gevangen genomen, ontsnapt, sticht een gezin en wordt neergeschoten, al wordt in de productie van de Nederlandse Reisopera in het midden gelaten of dit werkelijk gebeurt of dat het een droom van de boswachter is. “De roep van de natuur en de invloed van de mens erop speelt een grote rol in de opera”, zegt sopraan Laetitia Gerards. “Maar voor mij gaat het ook over een meisje dat groeit naar een jonge vrouw en moeder wordt en van alles meemaakt. Ik ben zelf sinds kort moeder en heb een baby van een jaar. Het is grappig; de rol van het sluwe vosje is de eerste keer dat ik werkelijk als moeder in een moederrol op het podium sta. Het performen op zich is niet veranderd, maar ik voel mij wel iets gegronder sinds ik moeder ben. Voorheen was ik alleen, nu heb ik voor altijd een kind.”

Mooie dissonanten

Twaalf jaar geleden zat ze in de zaal bij een productie van De Nationale Opera van Janáčeks opera. “Toen kwam ik net kijken, maar er komt veel terug. Ik ben nog steeds onder de indruk van de muziek. Het is filmisch, een sprookje, maar ondertussen ook modern met gekke en mooie dissonanten.”

Spraakmuziek

Janáček staat bekend om zijn gebruik van inspiratie uit de Tsjechische volksmuziek en om zijn melodieën die dicht blijven bij de inflectie van de Tsjechische taal. De Nederlandse Reisopera heeft Gouden Krekel-winnaar en theaterauteur Jibbe Willems een Nederlandse vertaling laten maken, waarbij het ‘gevaar’ bestaat dat de ‘spraakmuziek’ van Janáček een andere dimensie krijgt. “Ik herken Janáček zeker terug in de vertaling”, stelt Laetitia direct gerust. “De Nederlandse Reisopera heeft een vertaling laten maken zodat men de opera direct kan verstaan en het verhaal kan volgen. De Nederlandse taal is lichter, verteerbaarder. Het maakt de opera geschikt voor een breder publiek. Ik heb samen met dirigent Pieter-Jelle de Boer heel erg opgelet dat we dicht bij de muziek van Janáček blijven, vooral wat het ritme betreft. Dat is in het Nederlands best lastig voor mij. Veel muziek voor mij is snel, vurig en hoog, maar we komen erg in de buurt van de oorspronkelijke bedoeling van de componist. Ook verder blijft alles dicht bij het oorspronkelijke verhaal en is het gewoon een mooie voorstelling met een prachtig decor.”

Dicht bij het hart

In het Nederlands zingen is overigens geen straf voor Laetitia zoals ze ook vorig jaar in De Beste Zangers bewees met songs als Mama kijk ik kan het zelf en De stad Amsterdam. “Ik hou erg van in het Nederlands zingen. Het ligt dicht bij je hart en het is makkelijk te acteren. Er komt een extra laag bij in het Nederlands die mensen direct begrijpen. Het is een brede taal met veel ij-klanken, die zijn met de verticaal gedachte klassieke zangtechniek best lastig te zingen. Daarbij kom je soms voor de keuze: kies ik voor een mooie toon of voor de verstaanbare uitspraak. Voor mij een onmogelijke keuze. Ook in Het sluwe vosje wil ik beide, dat is de uitdaging. Maar ondanks dat soort overwegingen ben ik blij dat het steeds vaker gebeurt dat opera’s vertaald worden. Het maakt het allemaal een stuk toegankelijker.”

Techno

Toegankelijkheid, het lijkt een toverwoord voor Laetitia Gerards. Ook als ‘Bekende Nederlander’ zet ze zich naar eigen zeggen vooral in om de klassieke muziek bij een breder publiek te brengen. “Daarbij doe ik eigenlijk altijd alleen dingen waar ik gelukkig van word. Maar ik beschouw het inderdaad als een deel van mijn werk om de klassieke muziek te promoten en toegankelijk te houden. Ik ambieer geen tv-carrière, mijn plek is op het podium. Mijn taal is de klassieke muziek. Het gaat er om dat mensen er mee in aanraking komen. Ik had het geluk dat mijn moeder veel naar klassieke muziek luisterde. Vroeger dacht ik altijd dat NPO Klassiek overal aanstond. De werkelijkheid bleek anders. Mijn vriend is bijvoorbeeld helemaal van de goede techno. Ik ben een keer met hem naar zo’n feest geweest. Daar heb ik veel van geleerd. Daarom vind ik een handreiking naar mensen om met een ander genre in aanraking te komen heel belangrijk.”

Covers

En het werkt. “Ik krijg geregeld leuke berichten man mensen die vertellen dat ze voor het eerst naar het Concertgebouw of naar een opera zijn geweest en het mooi vonden. Na mijn deelname aan Wie is de Mol heb ik veel met jonge meiden gesproken die zangles wilden nemen of zelfs naar het conservatorium wilden. “ Ze hoopt daarom haar bekendheid ook in te zetten om mooie nieuwe projecten aan de man te brengen. “Zo ben ik met een eigen operaproject bezig. Niet langer dan een uur. We zijn helemaal aan het begin. Ik heb een keer La Voix Humaine van Poulenc gedaan. Dat vond ik zo fantastisch. Zoiets heb ik in gedachten en dan doorgetrokken naar de dag van vandaag. Ik hou van de combinatie van nieuwe muziek en het zingen van ‘covers’, wat de klassieke liederen en opera’s in feite zijn als ik ze uitvoer. Het is allemaal prachtig. Ik vind het fantastisch dat ik mij nu met Janáček bezig kan houden. Muziek waar ik erg blij van word.”

Het sluwe vosje van de Nederlandse Reisopera gaat op 22 januari in première in het Wilminktheater in Enschede. Daarna volgt tot en met 14 februari een tournee door het land. Voor meer informatie en kaarten zie reisopera.nl

Facebook
Twitter

Laatste artikelen